Dekkingsbijdrage

Berekening en gebruik van de dekkingsbijdrage: In dit deel van de gids leggen we uit hoe je de dekkingsbijdrage berekent en in de praktijk gebruikt. Je ziet hoe de dekkingsbijdrage kan worden gebruikt om de winstgevendheid van verschillende producten te beoordelen, middelen beter te verdelen en de financiën van het bedrijf als geheel te versterken.

De dekkingsbijdrage is een berekend kengetal dat wordt gebruikt in de boekhouding en calculaties van een bedrijf. De dekkingsbijdrage is de omzet minus de variabele kosten. Ze laat dus zien hoeveel geld het bedrijf overhoudt na de directe verkoopkosten om de vaste kosten te betalen.

Hoe bereken je de dekkingsbijdrage?
De dekkingsbijdrage wordt zo berekend:

  • Dekkingsbijdrage = Omzet – Variabele kosten

Zet je de dekkingsbijdrage in verhouding tot de omzet, dan krijg je een percentage dat de dekkingsgraad wordt genoemd. 

Voorbeeld van de berekening van de dekkingsbijdrage:
Een bedrijf verkoopt pannen voor € 16 per stuk. De directe kosten zijn inkoopprijs, verpakking en verzending. De inkoopprijs is € 4, de verpakking € 0,50 en de verzending € 1,50. 

De berekening van de dekkingsbijdrage wordt dus:

Zoals hierboven blijkt, is de verkoopprijs € 16. Van dat bedrag wordt het volgende afgetrokken: 

– Inkoopprijs: € 4 
– Verpakking: € 0,50
– Verzending: € 1,50

De dekkingsbijdrage wordt dus = € 10 

Is de dekkingsbijdrage niet genoeg om de vaste kosten te dekken, dan lijdt het bedrijf verlies. Is het andersom, en is de dekkingsbijdrage groter dan de vaste kosten, dan is er winst.

Wat is de dekkingsgraad?
De dekkingsgraad laat zien welk deel van de omzet overblijft nadat alle variabele kosten zijn betaald. Is de dekkingsgraad bijvoorbeeld 45,5 procent, dan blijft er 45,5 cent over van elke euro omzet.

De formule voor de dekkingsgraad:

(Dekkingsbijdrage/Omzet) x 100 = Dekkingsgraad.